Print deze pagina

Inzet van het ADI-model

Directe instructie staat niet gelijk aan frontaal klassikaal lesgeven zonder interactie met de leerlingen. Directe instructie staat wel voor een leerkrachtgestuurde aanpak, vooral in de beginfase.

Hoe gebruiken?

Niet alle fasen en alle aandachtspunten hoeven in elke les voor te komen. Het kan ook nuttig zijn bepaalde fasen of aandachtspunten over te slaan of over meerdere lessen te spreiden. Neem in ieder geval voldoende tijd voor de uitleg en de begeleide inoefening bij het leren van iets nieuws.

Er zijn manieren om leerlingen op een gestructureerde wijze actief bij de les te betrekken. Je kunt gebruik maken van activerende werkvormen of coöperatieve werkvormen. Coöperatief leren is een effectieve werkwijze om kinderen te leren samenwerken. Kenmerkend voor deze werkwijze is dat de leerlingen, werkend in kleine groepen, allemaal meedoen, individueel aanspreekbaar zijn voor het groepsresultaat en elkaar ook nodig hebben om dat groepsresultaat te kunnen behalen.

Kijk in de literatuurlijst voor boeken met geschikte activerende en/of coöperatieve werkvormen. Je kunt de werkvormen inzetten in een willekeurige fase van het activerende instructiemodel.

Wanneer gebruiken?

Het ADI-model is effectief:

  • als de leraar de leerlingen iets nieuws wil (aan)leren.
  • voor leerlingen die niet of in beperkte mate beschikken over zelfregulerende vaardigheden en meer behoefte hebben aan actieve instructie en coaching door de leraar.